© h.hofstede (h.hofstede@hogeland.nl)

       
1. a. Het aantal grenzen dat de landen hebben is :
A: 2
B: 3
C: 4
D: 2
E: 3

Graaf A heeft 4-4-2-2-2 lijnen per knooppunt dus valt af.
Graaf C heeft 3-3-3-3-2  lijnen per knooppunt dus valt af.

B en D zouden beiden nog kunnen.
       
  b.  
     
       
    Hoofddiagonaal:  aantal manieren om van een land naar een buurland te gaan en weer terug. ofwel:  aantal buurlanden.
Andere plaatsen:  aantal manieren om van een het ene land naar het andere te gaan via ťťn ander land.
       
  c.
    In totaal zijn er voor vier overgangen 13 +19 + 26 + 13 + 19 = 90 mogelijkheden.
26 daarvan eindigen weer in CalusiŽ.
De kans is dus  26/90
       
2.
       
  Vanaf A zijn er in in vier stappen totaal 24 + 16 + 24 + 16 + 24 = 104 routes (eerste rij) waarvan er 16 in B eindigen.
De kans is daarom  16/104  = 2/13 = 0,1538
       
3. a. Er staan 15 enen in de matrix dus er zijn 15 wedstrijden gespeeld.
In een halve competitie met 6 teams worden inderdaad 15 wedstrijden gespeeld.
       
  b. De teams A, B, C en D hebben allemaal drie wedstrijden gewonnen en zijn dus gelijk geŽindigd.
       
  c.
    Daaruit blijkt dat team A winnaar is geworden.  
       
4. Dat is het aantal manieren om van (0,0) naar (3,3) te gaan  (als je het als een coŲrdinatenstelsel ziet)
Dat zijn  6 nCr 3 = 20 manieren.
Daar staat dus 20.
       
5. In de gebruikelijk notatie:
 
  De som van de kolommen is achtereenvolgens:  8, 7, 6, 3, 2
De uitslag volgorde is dus  A - B -C- D - E
       
       
       

© h.hofstede (h.hofstede@hogeland.nl)